
Jaartal: ongeveer 1900
Bron: P. Oosterhof
Het pand is gebouwd door Wolter Jager, boer en aannemer in Vledder.
Het is onduidelijk in welk jaar het precies gebouwd is.
Café

Jaartal: 1900 – 1910
Bron: A. Jager, Doldersum
In 1873 neemt Geert het pand van zijn vader over. Het was toen in gebruik als logement en winkel. Hij bouwt het om tot een café met logement, een winkel en een boterfabriek: het grootste etablissement van het dorp. Veel verenigingen hadden hier hun wekelijkse oefenavonden en gaven er hun jaarlijkse uitvoeringen. Zo hadden de zangvereniging Erica, onder leiding van de heer Pol, de toneelvereniging Lesturgeon en de gymnastiekvereniging DSV (Door Sport Vereend) hier hun thuishaven.
Lesturgeon gaf altijd twee uitvoeringen: één voor de jongere mensen en één voor de ouderen, beide met het traditionele bal na. Veel publiek kwam af op dit bal na met live muziek. Ook andere verenigingen gaven hier hun uitvoeringen, zoals de toneelverenigingen uit Boschoord (Oefening Baart Kunst) en Wilhelminaoord (Erica).
Voor de toenmalige bevolking van Vledder was de zaal groot genoeg; er konden maximaal 120 mensen in. In die tijd werd er relatief weinig bier gedronken. De populairste drankjes waren jenever en brandewijn. De dames dronken vooral bessenbrandewijn en citroenbrandewijn met suiker.
Het logementsgedeelte bood onderdak aan een beperkt aantal kostgangers en passanten. Deze passanten waren meestal handelsreizigers die hun artikelen aan de winkels in het dorp aanboden en de volgende dag weer verder trokken, meestal per fiets.
Als zij op tijd aankwamen, kon er met de avondmaaltijd rekening worden gehouden; anders moesten ze afwachten of er nog voldoende gekookt was. Voor iedereen was er in elk geval ontbijt.
In die tijd was het verplicht om zich in het zogenaamde nachtregister in te schrijven, niet alleen met naam, maar ook met beroep. Dit register moest op gezette tijden aan de burgemeester worden getoond. Als er geen onregelmatigheden werden geconstateerd, tekende hij het voor akkoord.
Winkel
Ingeklemd tussen het café en de boterfabriek bevond zich de winkel. Naast een redelijk standaard assortiment levensmiddelen was er van alles te koop: stoffen voor onder andere werkkleding, brillen in verschillende sterktes, huis-, tuin- en keukengeneesmiddelen, potten en pannen — kortom, alles wat dagelijks in de huishouding nodig was. Volgens overlevering verkocht Geert hier ook de eerste fiets in Vledder, aan een langskomende handelsreiziger.

Jaartal: 1922
Bron: P. Oosterhof
Boterfabriek
Geert Jager begon in 1882 met de eerste stoomzuivelfabriek in Drenthe. Hij kocht melk van boeren uit Vledder en uit omliggende dorpen. Vooraf onderhandelde hij met iedere boer afzonderlijk over de prijs, waarbij deze afhankelijk was van het vetgehalte van de melk. Sommige boeren probeerden weleens water toe te voegen (zogenoemde ‘blauwe melk’), maar doordat het vetgehalte regelmatig werd gecontroleerd, werden zij daarop afgerekend.
De broer van Geert, Frens, bracht de boter met paard en wagen naar de markt in Steenwijk. Daar kwamen kooplieden uit Amsterdam die bereid waren een goede prijs te betalen, omdat Geert bekendstond om zijn kwaliteit. Per schip werd de boter vervolgens via Blokzijl naar Amsterdam vervoerd.
De fabriek stond ook bekend onder de naam Esperanza, Spaans voor ‘hoop’. De naam prijkte ook op de gevel.
Deze naam was gesuggereerd door een handelsreiziger die als gast in het logement verbleef.
In 1907 beëindigde Geert de activiteiten van de boterfabriek. De belangrijkste oorzaak was de opkomst van coöperatieve zuivelfabrieken, waar veel boeren hun melk gingen leveren. Op de plaats van de fabriek werd enige tijd later (circa 1920) een woonhuis gebouwd (het huidige eetcafé Route 36), als voorhuis van de boerderij daarachter. De kelders van de boterfabriek zijn nog altijd onder dit pand aanwezig.
De boerderij was een gemengd bedrijf met ruimte voor twaalf koeien, jongvee en een varken. Op de akkers op de es werden verschillende gewassen verbouwd, deels als veevoer en deels voor de verkoop.
De zonen Gesinus en Wolter namen later het bedrijf over. Gesinus hield zich bezig met het café en de boerderij, terwijl Wolter zich over de winkel ontfermde.
In 1955 verkochten zij het café en de winkel aan Willem Bouwer, die tegenover het café een bakkerij had. De boerderij werd verkocht aan L. van Dijk.
Café Bouwer
Willem Bouwer en zijn vrouw runnen lange tijd het café en de winkel. Later neemt hun zoon Cees de zaak van hen over.

Jaartal: 1957
Bron: M. van Nieuwenhoven

Jaartal: 1987
Bron: Remco van Lent
Na hun vertrek heeft het café meerdere eigenaren gehad en veranderde de naam regelmatig.
| Eigenaar/huurder | Periode | Naam van het café |
|---|---|---|
| familie Bouma | ||
| familie Gerrits | 1969 – 1973 | |
| Henk Jonkers | 1981 – 1984 | |
| Familie Tom en Elga Klaver | 1984 – 1997 | |
| 1997 – | El Dommel | |
| de Troubadour | ||
| Manneke Pis | ||
| 2007 – | de Goudriaan | |
| familie Jaap en Daniëlle Benjamins | 2009 – 2014 | Route 36 |

Jaartal: 4 maart 2013
Bron: ’t Fledder Kerspel
Brand
Begin mei 2014 brak er brand uit. Het pand was niet meer te redden en werd na verloop van tijd gesloopt.

Jaartal: 4 mei 2014. Bron: Rien Krijnen
Laatste aanpassing: 29 april 2026